Now Reading
Catharina De Beer: “Ik ben trots dat ik af en toe nog mensen heb kunnen doen lachen of nog een laatste keer afscheid heb kunnen laten nemen. Al was het maar via skype.”

Catharina De Beer: “Ik ben trots dat ik af en toe nog mensen heb kunnen doen lachen of nog een laatste keer afscheid heb kunnen laten nemen. Al was het maar via skype.”

Dag lieve vrienden, ik ben Shauny De Gruyter, studente Taal- en Letterkunde aan de universiteit Antwerpen en stagiaire bij I Love Network. Voor mijn stage, een van de personen die ik contacteerde voor een interview is verpleegkundige Catharina De Beer.

Sinds 3 februari leeft het beestje genaamd SARS-CoV-2 (of Covid-19) bij ons in België. Al sinds 18 maart bevinden we ons min of meer in een constante vorm van lockdown – de ene maand al wat strenger dan de andere. Nu we bijna een jaar verder zijn, is het tijd om een aantal verpleegkundigen aan het woord te laten en hen te laten vertellen over hoe zij deze crisis hebben beleefd en deze op dagelijkse basis nog steeds van dichtbij meemaken. Het zijn tenslotte deze mensen die we in deze periode niet mogen vergeten, aangezien zij ons er weer bovenop zullen helpen. We laten daarom hieronder een van de verpleegkundigen aan het woord die haar verhaal graag wil delen.

Catharina De Beer, verpleegkundige in een rusthuis in Laakdal en mama van 4, vertelt ons over haar ervaring. Als deskundige in haar vak werkt ze al 13 jaar lang in de verpleging. Ze heeft in die jaren al op verschillende plekken gewerkt en ze baande zich een weg van ziekenhuis-verpleegkundige naar thuisverpleging om uiteindelijk terecht te komen in het verplegend team van een woonzorgcentrum. Nu ze er al 5 jaar werkt, kan ze zich niets anders meer voorstellen, vertelt ze: “vanaf mijn 5 jaar zei ik dat ik met kindjes ging werken, maar bleek later dat ik grotere kindjes wilde hebben. (lacht) Ik vind het zeer leuk wat ik doe en zou niets anders willen doen.”

Een chaos voor de werkvloer en de gezondheid

De coronacrisis – we kunnen zeker en vast spreken over een crisis – laat zich toch best sterk voelen als het aankomt op Catharina’s carrière. Ze is het afgelopen jaar namelijk verplaatst naar een ander woonzorgcentrum, en heeft vóór die verplaatsing een echt chaos meegemaakt, zo vertelt ze. Als hoofd van haar afdeling stond ze in voor een hele waslijst aan taken. Ze voelde echter niet alleen een impact op de uitvoering van haar functie; “er zijn ook zware verliezen geleden”, gaat ze verder. “Veel mensen zijn omgekomen, maar enkele hebben we erdoor kunnen halen. Ik heb echt verdriet van die periode, en van deze komende periode waarschijnlijk ook.” Ze geeft aan dat ze dit jaar ziet als een waar dieptepunt in haar carrière, eentje die ze niet zo snel zal vergeten.

De onvoorbereide scenario’s en de verschillende onopgeloste vragen tijdens de eerste golf van dit jaar vermoeilijkten de situatie. Wanneer ze gevraagd wordt om de situatie te beschrijven, komen een aantal dingen terug: “er was niets in orde [in de woonzorgcentra], we hadden geen mondmaskers, vele collega’s werden besmet en het werk was niet goed georganiseerd.” De situatie kan dus kort beschreven worden als een enorme chaos. Catharina vergelijkt het zelfs met “in de soep roeren met je handen in plaats van met een (soep)lepel”. De snelheid waarmee het virus zich verspreid is onvoorstelbaar. Het werk ging zich dus al snel opstapelen en werd in een mum van tijd heel zwaar. Zeker wanneer je tijdens een shift “niets te drinken kunt halen, kan gaan zitten, of even een luchtje kan happen tussen al die miserie”, aldus Catharina.

Samen staan we sterk

De crisis weegt dus zwaar door bij de verpleegkundigen, en dat valt ook op bij haar collega’s. Zo merkt ze op dat je “mentaal echt sterk [moet] staan om dit een eerste maal door te maken, laat staan een tweede maal, en ik hoop alvast geen derde maal.” Een aantal dingen die ze heeft gezien de afgelopen maanden, hoopt ze nooit meer te moeten meemaken. Zo vertelt ze over de lijkzakken waar ze patiënten in heeft moeten opbergen, en over de begrafenisondernemers die de schroeven van de houten kisten dichtschroeven en daarmee het einde brengen aan het leven van sommigen. “Dat is even slikken”, gaat ze verder, “maar als je dan ook moet beslissen wie er zuurstof krijgt en wie niet, dan krijg je een mentale klop.” Beslissen over wie een grotere overlevingskans krijgt en wie niet (door de onvoldoende gestockeerde middelen die ter beschikking waren) is een onmenselijke opgave.

Catharina vindt het daarom ook van groots belang dat verpleegkundigen praten met elkaar: over de nodige medische zorgen en informatie in het ziekenhuis of elders, maar ook over de situatie en wat dat doet met hen. “Uithuilen bij elkaar maakt je ook een sterker team,” vertelt ze, “en de patiënten voelen dit ook. Als je het gevoel hebt dat je er helemaal alleen voor staat, dan weten zij dat ook,” en dat is nu net wat ze probeert te vermijden.

Wanneer ze gevraagd wordt of ze zelf ergens terecht kan met haar verhaal op dagelijkse basis, zegt ze volmondig ja. Haar collega’s zijn een vaste waarde geworden in deze tijden, maar ook haar man kan ze aanspreken als ze er nood aan heeft. Hij begrijpt als mede-verpleegkundige zeker en vast hoe Catharina zich voelt en biedt een luisterend oor wanneer nodig. Als thuisverpleegkundige komt hij dan wel minder in direct contact met covid-patiënten, maar zijn job blijft dezelfde: zorgen voor mensen die zorg broodnodig hebben. Geen ideale situatie (twee verpleegkundigen in een gezin met 4 kinderen), maar toch een aangename omgeving waarin Catharina haar verhaal kwijt kan – een belangrijk onderdeel van haar manier om met de crisis om te gaan.

See Also

Een positieve blik op de toekomst

In het rusthuis waar ze momenteel tewerk gesteld wordt, hebben ze slechts sinds vier weken een cohortafdeling, dit vanwege een besmetting bij een van de bewoners die terug te brengen is naar een verblijf in het ziekenhuis. Al bij al een betere situatie dan haar vorige werkomgeving dus, maar ook hier is Catharina deels verantwoordelijk voor deze vleugel, waardoor ze ook af en toe weer met besmette – en hulpbehoevende – patiënten in contact komt. De gevolgen van Covid-19 staren haar dus nog dagelijks in de ogen. Door elke week een test af te nemen bij het personeel, wordt er voor haar en haar collega’s wel een veilig(er) gevoel gecreëerd en blijft de gemoedsrust enigszins bedaard. Toch laat Catharina de moed niet verder zakken. Ze blijft gaan en blijft vechten, want ze beseft dat ze als verpleegkundige een unieke positie bekleedt waarin ze vaak de enige is voor mensen die hulp nodig hebben. Ze probeert elke dag het beste in zichzelf naar boven te halen, en ze is “trots dat [ze] af en toe nog mensen [heeft] kunnen doen lachen of toch nog een laatste keer afscheid [heeft] kunnen laten nemen. Al was het maar via skype.”

Als laatste merkt Catharina op dat ze geen medelijden wil hebben. Ze doet haar werk graag, en dat is het ook gewoon: haar werk. Het is haar job om zich dag na dag in te zetten voor de ouderen in het woonzorgcentrum, en daar vraagt ze geen speciale aandacht voor. Ze hoopt enkel dat de impact van de coronacrisis doordringt bij iedereen, en benadrukt dat “ons handelen écht het verschil kan maken voor de senioren.” Ze vraagt vooral om vol te houden.

Lieve vrienden, het is dus nog steeds belangrijk is om het mond-neusmasker correct en consequent te gebruiken, en de afstandsregels moeten ook nog steeds zo veel mogelijk gerespecteerd worden. Probeer echter ook te genieten van deze tijden, en houd contact met uw geliefden. Enkel zo geraken we door deze moeilijke tijden!

What's Your Reaction?
Excited
0
Happy
0
In Love
0
Not Sure
1
Silly
0

              

© 2020 I Love Network - Online Magazine. All Rights Reserved.

Made by Valderas

Scroll To Top